16 februari 2007 door Laura Vogels
Na het weeralarm van donderdag 8 februari, waarbij lange files uitbleven omdat werknemers gespreid van het werk naar huis gingen, voerde TNS NIPO een onderzoek uit in opdracht van RTL Nieuws. Onderzocht werd wat het draagvlak is voor gespreid woon-werk-verkeer om het fileleed te bestrijden. Conclusie: de bereidwilligheid is er onder de werknemers, maar men ziet nog veel obstakels.
De werkgevers zouden een meer stimulerende functie kunnen vervullen. De overheid zou er goed aan doen rijgedrag buiten te spits te belonen, in plaats van spitsrijden te bestraffen.
Bijna zes op tien Nederlanders met een baan (59 procent) gaat regelmatig met de auto naar of van het werk. Hiervan reist het merendeel (87 procent) regelmatig in de spits (van 6.00-9.00 uur en van 16.00-19.00 uur).
Van de automobilisten die regelmatig voor hun werk reizen in de spits, zegt de helft (50 procent) niet op een ander tijdstip te rijden 'omdat dat niet kan met mijn werk' en nog eens 19 procent geeft aan 'dat dat niet mag van de werkgever'. Opvallend is dat vooral werknemers die in de drie grote steden (Amsterdam, Rotterdam en Den Haag) wonen vaak (36 procent) zeggen dat de werkgever het niet goed vindt en veel minder vaak dan gemiddeld dat het niet kan (29 procent).
Eén op de tien wil verder 'op tijd op werk of op tijd thuis' zijn. Eén op de twaalf (8 procent) treft geen files aan (het minst geldt dit voor de drie grote steden: 2 procent) en slechts 1 procent vindt het helemaal geen probleem om in de file te staan.